Het doorgeefluik van de dierenriem
Royal Tweelingen: Altijd van alles twee
Tweelingen blijven altijd met z’n tweeën. Het is niet anders. Ze zijn het enige sterrenbeeld dat het fabelachtig vermogen heeft om tegelijkertijd uit en thuis te zijn. Getrouwd, blijven ze altijd een beetje vrijgezel. Bezig met de ene baan, zijn ze met dat andere karwei in de weer. Overal en nergens thuis.
Zelf zien zij dit anders. Of beter: ze zien het helemaal niet. Want ze zijn Bezig. Vooral met het overbrengen van dingen: kennis, post, geld, woorden. Hun heersende planeet is Mercurius, genoemd naar de Bode der Goden. Die was ook al altijd Bezig. Net als Tweelingen was hij geboren om contacten te leggen. Journalisten, leraren, tolken, reisgidsen: ze hebben vrijwel allemaal een sterke Mercurius-invloed.
Onrust, onrust, zo zeggen de andere tekens vaak hoofdschuddend als ze hun geliefde Tweelingen zo bezig zien. Ja, het is onrust. Alleen, de Tweelingen zelf zitten er niet mee. Ze kunnen trouwens niet anders. Ze zijn het eerste ‘Bewegelijke’ teken van de dierenriem. Ram was het eerste ‘Hoofdteken’, een leider, Stier was het eerste ‘Vaste’ teken, een organisator, en Tweelingen is dus het eerste Bewegelijke teken. Na Tweelingen komt Kreeft, het tweede Hoofdteken. Kreeft moet weer grote lijnen gaan uitzetten. Moet-ie wel informatie hebben over wat is bereikt, wat nog openstaat. Geen punt, Tweelingen levert het allemaal aan. En snel. Hij lijkt af en toe ‘Tuut, tuut, De Overtoom’ wel. Dié valt dus ook onder Tweelingen.
Iemand die zo veel nieuws moet vergaren, moet natuurlijk wel de ruimte hebben. Net zoals de twee andere ‘Luchttekens’(Weegschaal en Waterman) houdt Tweelingen niet van grenzen. Niet letterlijk en niet figuurlijk. Niet in het klein en niet in het groot. Het bewijs dat het heelal begrensd zou zijn, zou op Tweelingen een verpletterende uitwerking hebben. Hoewel ze met hun spreekwoordelijke schranderheid meteen zouden opmerken dat waar het één eindigt, iets anders moet beginnen.
En waarschijnlijk weten ze daar nu al het een en ander van. Zoals Tweelingen altijd het een en ander van alles weten. Want hij is dan hier, dan daar. Wie zegt dat Tweelingen niet het meest betrokken teken van de dierenriem is, heeft gelijk. Kan ook niet. Geen tijd. Geen rust. Natuurlijk willen ze af en toe met u meehuilen, desgewenst zelfs met de pet op. Maar er moet wel een kapstok in de buurt zijn.
Want hij moet snel weer voort: contacten leggen, goederen afleveren, nieuws bezorgen. Tweelingen zijn het doorgeefluik van de dierenriem. Zonder al te veel commentaar, zonder al te veel een eigen mening toe te voegen. Dat laten ze over aan gewichtiger typen, zoals Boogschutters, die niet minder dan met de Hele Waarheid genoegen nemen. Zo zal je dus in een krant zelden Tweelingen China voor de Laatste Maal horen Waarschuwen. Ja, een boos telefoontje met Bejing of Guang Zhao waar de container met mobiele telefoons blijft, want het transport moet vertrekken. Maar dat is het zo ongeveer.
In de handel voelen Tweelingen zich als een vis in het water. Hebben ze van Mercurius. Die had naast zijn baan als Bode der Goden (natuurlijk) een bijbaan: God van de handel. Dus ook de God van ‘boter bij de vis’, van ‘tijd is geld’. Daarom was hij razendsnel, net als Tweelingen dat zijn. Het metaal van Tweelingen is kwikzilver. ‘Mercuur’ noemden de alchemisten het.
Mogelijk hebben de Ouden niet voor niets de snelste planeet van ons zonnestelsel ‘Mercurius’genoemd. De archetypische kleur van de planeet Mercurius is goudgeel. Daarom is de citrien de edelsteen van Tweelingen. Vanwege zijn veronderstelde helende eigenschappen wordt de citrien geadviseerd aan mensen die zich slecht kunnen concentreren of als steuntje bij examenkoorts, kortom overal waar de kracht van Mercurius nodig is.
Dat kan dus ook zijn bij een spreekbeurt of een toespraak. Voor sommige mensen zijn woorden slechts woorden. Maar voor Tweelingen zijn woorden alles. Je kan ermee praten, mee schrijven, je kan er Contacten Mee Leggen. Alle Tweelingen hebben iets met taal.
Ook koninklijke Tweelingen. De Nederlandse koningin Sophie (17 juni 1818) uitte haar verdriet en frustratie in brieven. Nu was het schrijven van brieven vol ellende in haar tijd hoogmode, maar toch. Zij deed dat buitengewoon goed. Nóg zijn haar brieven aanleiding voor menige biografie over haar. Koningin Victoria (24 mei 1811) was ook al zo’n onvermoeibare briefschrijfster. Haar correspondentie maakt de hele lange tijd dat ze leefde tot een toegankelijker tijdperk voor historici.
En sprekend over taal: de kruistocht die communicatiedeskundige (!) prinses Laurentien (25 mei 1966) tegen analfabetisme voert, moet recht uit haar hart komen. Mensen die geen toegang tot het geschreven woord hebben: het moet voor haar zijn wat een Kreeft voelt bij het zien van een moederloos veulen: pijn in zijn eigen ziel. Twee van de drie kindern van Laurentien zijn (natuurlijk) Tweelingen: Eloise (8 juni 2002) en Leonore (3 juni 2006). Die gaan naar de Franse school en worden dus (minimaal) tweetalig opgevoed. ‘Dat ben ik zelf ook’, zegt Laurentien.
De Spaanse Doña Fabiola werd bij haar huwelijk op 15 december 1960 koningin van een tweetalig land. Zelf schreef ze sprookjes. De Efteling heeft van een daarvan zelfs een attractie gemaakt.
De bijdragen in taal van Tweelingen zijn vrijwel nooit trilogieën in de trant van ‘Winden waaien om de rotsen en hoe het verder ging met het zevende geslacht Björndal.’ Tweelingen zijn van het korte verhaal, het sprookje, de brief, het journalistieke artikel, de verhalende songtekst. Sir Paul McCartney is een Tweeling. Net zoals Anne Frank met haar in retrospectief hartverscheurende bijdrage aan de wereldgeschiedenis: in brieven.
Zelf zullen Tweelingen zelden een traan laten, laat staan snikkend boven hun schrijfsels zitten. Ze constateren, registreren en rapporteren. En ze hopen dat er iets aan wordt gedaan. Natuurlijk hebben alle Tweelingen zoals alle mensen een ego. Maar opgeblazen ego’s zijn hen vreemd. Tweeledigheid echter niet. Er zijn mensen (natuurlijk allemaal niet-Tweelingen) die dat knap egocentrisch vinden. Maar die begrijpen er niets van. Ook niet van het geflirt van getrouwde Tweelingen en hun bijbaantje als drummer in een nachtclub naast hun baan van 9 tot 5.
Vroeg of laat raakt iedere Tweelingen een beetje of behoorlijk overwerkt. Ze beschikken echter over een grote dosis veerkracht, ook omdat ze meer mentaal dan emotioneel zijn ingesteld en dus niet zo gauw zwelgen in verdriet of zelfmedelijden. In de regel zijn ze gauw weer op de been en gaan ze er weer tegenaan. Voor twee. Minimaal.
Meer koninklijke Tweelingen:
Felix van Luxemburg, 3 juni 1984
Koning Albert II van België, 6 juni 1934
Prinses Madeleine van Zweden, 10 juni 1982
Prins Hendrik van Denemarken, 11 juni 1934
Prinses Cristina van Spanje. 13 juni 1965
Ex-Koning Constantijn van Griekenland, 2 juni 1940
Prinses Désirée van Zweden, 2 juni 1939
Gravin Zaria, 18 juni 2006
-
Copyright Els Smit
Gepubliceerd 23 mei 2011
Klik op alle foto’s voor vergroting en gedetailleerde bronvermelding









